NDR


Hoofdmenu
Archief:

Home

Nieuws

Organisatie

Bibliotheek

Fototheek

Videotheek

Museum >

Geschiedenis

Hall of Fame

Hall_of_Fame
Vorige

Ago Kan

bruine hengst, geboren in 1924
van Henriot (NL.Dr.) 1.25,2
(v. Amiens 1.35,2 u. Dobrina W 1.42,6)
uit Krolika (officieel) of Akke (officieus)????
Fokker: Willem Herder te Joure

Volgende


import

Boven: Ago Kan met Marten Siderius.


Aparte naam
In 1924 moesten de namen van de draverveulens met een R beginnen. Omdat zijn opgegeven moeder Krolika niet in het draverstamboek was geregistreerd werd haar veulen in het Bijboek opgenomen, samen met nog enkele andere veulens. Als onderscheid begonnen hun namen met een A en kreeg Krolika's veulen de naam Ago Kan. De Bijboek-paarden mochten uitsluitend deelnemen aan "Nederlandsche Courses" en er zouden geen producten van geregistreerd worden.
In het blad "Paardenwereld" van 1-1-1925 staan 7 geregistreerde Bijboek-veulens, alle uit niet-geregistreerde merries. Van 2 was de schimmelhengst Hansemann de vader en de overige 5 waren van Henriot.

Vader Henriot
Ago Kan's vader was de Nederlandse crack Henriot, die zijn eigen pagina in deze Hall of Fame heeft. Hij is geboren in de omgeving van Alkmaar, maar toen hij op 6-jarige leeftijd naar Friesland werd verkocht, werd hij door de Noordelingen als een Friese draver beschouwd en werd hij in deze contreien mateloos populair. Hij werd als 10-jarige Kampioen van Nederland in het hol van de leeuw van de Hollanders: op Duindigt. Later werd hij een succesvol vaderpaard.

Maar wie is de moeder?
In het Jubileumboekje van de 100-jarige harddraverijvereniging Joure (1885-1985) stond het hieronder volgende hoofdstuk over de in de buurt van Joure opgegroeide hengst Ago Kan. Schuingedrukt enkele aanvullingen van de webmaster.

Een van de meest bekende dravers uit deze omgeving was de legendarische bruine hengst Ago Kan van Doeke Herder, later van diens zoons Willem en Heine. Volgens het Ned. Dravers-Stamboek was Ago Kan's moeder Krolika en zijn vader de bekende hengst Henriot, maar wijlen Heine Herder placht daar een heel ander verhaal over te vertellen.

Dat verhaal begint bij de stalhouderij van de familie Glas van het logement Het Tolhuis. Een van de attributen in die stalhouderij was een lijkkoets. De aanschaffing daarvan was in de Jouster Courant van 15 maart 1907 door middel van deze niet aliedaagse advertentie bekend gemaakt: "Wed. A.D. Glas en Zonen, Tolhuis Joure, berichten door dezen aan het geachte publiek van Joure en Omstreken, dat zij hebben aangeschaft een eerste klas lijkkoets, welke bij voorkomende gelegenheden tegen billijk tarief is verkrijgbaar." Als koetsier fungeerde gewoonlijk Jan Glas en de koets werd getrokken door de zwarte merrie Akke van Dirk Glas, van 1906 tot 1923 herbergier in Het Tolhuis. De in de advertentie genoemde "voorkomende gelegenheden" kwamen wat vaker dan gewoonlijk voor nadat per 1 september 1910 in Herema State een volkssanatorium was gevestigd. Soms moest een in het sanatorium overledene zelfs naar Drente of Overijssel worden gebracht en op de terugweg manifesteerde Akke zich dan gewoonlijk als een sterk en snel dravend paard. Dat moest wel de aandacht trekken van Doeke Herder, melkrijder, met in zijn stal aan de Harddraversweg een twintigtal paarden en dus een man die alles van paardetractie wist. Meermalen zinspeelde hij er op dat hij vast en zeker Akke zou kopen als de gelegenheid daartoe zich voordeed. Die gelegenheid kwam inderdaad. De familie Glas verliet Joure en hield op vrijdag 11 mei 1923 boelgoed. Doeke Herder hield woord en werd voor de som van f 150.- de nieuwe eigenaar van Akke. De merrie had nog maar pas haar intrek in de nieuwe stal genomen toen de broers Willem en Heine, buiten medeweten van hun vader met haar naar de stal van K. van der Veen in Hardegarijp togen voor een kennismaking met diens bekende dekhengst Henriot. Die kennismaking zou dan uiteindelijk de bruine hengst Ago Kan opleveren!

Het paard zou, meestal met Marten Siderius als pikeur, grote uitslagen maken met als hoogtepunt het Kampioenschap der Ned. Paarden over een afstand van 2.375 meter op 8 augustus 1929 in Groningen. (eerste prijs 1.000 gld.) De grote zilveren kampioensmedaille was aangeboden door het Ministerie van Defensie. De huldiging van Ago Kan vond plaats tijdens de Kermisdraverij op 30 september 1929 in Joure. Hij was in dat jaar het meest winnende paard van Nederland met Fl. 3.850.
In 1933 verhuisde Ago Kan naar de stal van U. de Jong in Oranjewoud. Alweer volgens Heine Herder is het paard in de oorlogsjaren door de Duitsers gevorderd. Hij was toen al ongeveer 18 jaar oud.

(tot zover de tekst uit het Jubileumboekje van Joure)

Naschrift:
Akke was niet geregistreerd in het Ned. Draverstamboek en haar veulen Ago Kan kon dus niet in het stamboek worden opgenomen, maar ook de opgegeven moeder Krolika stond niet in het stamboek. De oplossing was opname in het Bijboek. Willem Herder heeft toen ook het veulen Anker (van Henriot uit Pietje) in het Bijboek kunnen laten inschrijven. Waarom hij Krolika als moeder van Ago Kan heeft opgegeven en niet Akke, blijft nog steeds een raadsel.

Amnestie in 1933
In het blad "Paard en Paardenwereld" van 20-04-1933 lazen we (via delpher.nl) dat in het OfficiŽle Bulletin heeft gestaan dat de 9-jarige Ago Kan, samen met 5 andere paarden "thans als volbloed dravers worden beschouwd." Dus gepromoveerd van het Bijboek naar het Stamboek.
Ago Kan zou na zijn acceptatie voor het Draverstamboek eventueel als dekhengst kunnen gaan fungeren, hetgeen niet is gebeurd.
Moeder Krolika is later ook opgenomen in het draverstamboek en onder haar naam, op blz. 222 van Stamboek Deel II, staat haar product Ago Kan, van Henriot, in 1924 gefokt door W.D. Herder. Zelf bracht zij voor andere fokkers vanaf 1929 nog wel 6 producten van Henriot, waarvan er slechts 2 in de baan kwamen, die lang niet de kwaliteiten van Ago Kan hadden.

Boeken

Boven: Tweemaal Akke. Dit paard, de zwarte merrie Akke, zou dan
de moeder van Ago Kan moeten zijn.... Op haar rug Akke Glas,
dochter van Dirk Glas en diens vrouw Margje Stroop. Links pake (opa)
Stroop, Akke's grootvader van moeders kant (de père-de-mère).
(Deze foto met onderschrift komen uit het Jouster Jublileumboekje)

import

Boven: Deel uit een gedicht (Brandnetel) van dichter Claudy uit
het blad De Paardenwereld d.d. 04-07-1929.
Claudy zinspeelt in zijn gedicht ook al over de duistere afstamming
van Ago Kan, en noemt hem de bastaard.

Marten Siderius
In de eerste jaren was Marten Siderius de trainer en rijder van Ago Kan. Hij was in die jaren een opvallende verschijning, aan wie het goede leven viel af te lezen. Niet vreemd, want de succesvolle pikeur was ook nog eens uitbater van een café in Sneek. Het contrast met zijn broodmagere broer Johannes kon bijna niet groter zijn. In de koers gedroeg Siderius zich al even opvallend. Wie in een koers met de nerveuze Fries verzeild raakte, kon rekenen op een ritje waarin het tempo hoog lag. Siderius zweepte zijn dravers altijd tot het maximale op. Dat ging vaak goed, maar lang niet altijd. Ook Ago Kan kwam soms wel leeggestreden en daardoor ongeplaats aan de finish, maar hij won ook vaak.

Boeken

Boven: Dit is de Fries Marten Siderius, trainer, pikeur, in 1928.
Meestal pikte hij meters bij de start en reed daarna
zo hard mogelijk door. Zo ook met Ago Kan.

Boven: De 3-jarige Ago Kan (links met Marten Siderius voor eig. Herder)
wint in 1.39,6 over 1.750 m de J-prijs, een prijzendraverij 4e klasse
op de grasbaan van Groningen. Politesse (rechts met eig. en rijder
Jan Kruithof) komt terug na een fout en wordt uiteindelijk tweede.
De eerste prijs bedroeg 250 gulden, de tweede 100 gld. en
de derde 25 gld.
(foto uit blad "Paard en Paardenwereld" van 28-07-1927)

import

Boven: In februari 1929 werd een arreslee-wedstrijd op het ijs van
Rijperkerk (Fr.) georganiseerd. Publiekstrekkers waren de 15 jaar oude
crack Henriot en zijn 5-jarige zoon Ago Kan, beide in training bij
Marten Siderius. Hieronder het verslag uit het vakblad.


import


import

Boven: Ago Kan en Marten Siderius doen in februari 1929
mee aan een kortebaanwedstrijd met arresleeŽn op het ijs van
Rijperkerk (Fr.). Ze werden 3e, maar hadden kunnen winnen.



Boven: Verslag uit een vakblad van een door Ago Kan gewonnen koers
te Hilversum op 14-7-1929. Hij wordt hierin een halfbloed genoemd,
maar wel een bijzondere.

Boven: Ago Kan behaalde het Kampioenschap der NL-paarden
in 1929 te Groningen, waar deze foto op slaat.

import

Boven: Nog een foto van Ago Kan met Marten Siderius na het behalen
van Kampioenschap der Nederlandse Paarden te Groningen
bij hun ereronde, op 8 augustus 1929.De hengst droeg de kap,
die ook zijn vader Henriot op had bij zijn Kamp. van Ned. in 1924.

import

Boven: Huldiging van de Kampioen der Nederlandse Paarden Ago Kan
(met Marten Siderius op de sulky) tijdens de kermisdraverij op
de Nutsbaan te Joure op maandag 30 september 1929.
Op de voorgrond, met lauwertak, Willem Herder.
(foto op de omslag van het Jubileumboekje van 100 jaar Joure)

Boven: De drafsportdichter Claudy schreef wekelijks een gedicht voor
het vakblad waarin hij de week doornam. Dit deel gaat Ago Kan's
Kampioenschap in 1929. Met "Storm" wordt Stormlooper bedoeld.

import

Boven: Ago Kan is de meest winnende draver van 1929 geworden.
Hij klopte zijn halfbroer van vaderskant, Present H, met gering verschil.
De eerste prijs in het door Ago Kan gewonnen Kampioenschap der
Nederlandse Paarden bedroeg 1.000 gulden en dat bracht hem de
eerste plaats in dit klassement.


Boven: Ago Kan wint te Uithuizen
in een knappe km-tijd voor die tijd!
En dat op gras! Dit is de tijd over 800 m.
Dan is het een km-tijd van 1.25.
(foto uit weekblad Het Noorden d.d. 6-5-1930)

Boven: Beeld van een koers te Groningen in juni 1930.
Ago Kan en Marten Siderius gaven nooit op.


Boven: Ago Kan (links) in strijd met de snelle Amerikaan
Senator Madden in de heatdraverij 1e klasse te Hilversum
op 5-6-1932.

Boven: Ago Kan en Marten Siderius in actie in Groningen.

Naar vader en zoon de Jong
Zoals in het Jubileumboekje vermeld werd Ago Kan in 1933 als 9-jarige verkocht aan U. de Jong, de vader van Bonne, de trainer-pikeur. Daar heeft hij zeker tot zijn 14e jaar nog veel successen behaald, ook op de kortebaan.

Carrière
Langebaan:

Tot 1-1-1938 verdiende Ago Kan op de langebaan 8.525 gld. Daar is niet meer bij gekomen. Hij was hiermee een van de meest winnende inlanders uit die jaren.

Kortebaan:
Van 1-1-1930 tot 1-1-1939 verdiende Ago Kan:
- op 800 meter: 4.040 gld.
- op 300 meter: 1.757,50 gld.
Wat hij vóór 1-1-1930 verdiende weten we nog niet. Ook met deze winsommen stond hij in de top.

Boven: Ago Kan met een nog jonge Bonne de Jong
op de kortebaan van Harendermolen.

Boven: Ago Kan zweeft op de KB van Harendermolen
met Bonne de Jong op de sulky. Met 2 paar schoenen
loodringen en toe-weights (toongewichten).

Boven: Ago Kan na zijn "bizonder fraaie overwinning" met Bonne de Jong
in de Prijzendraverij 1e klasse te Hilversum op 9-4-1933.
Links staat waarschijnlijk Bonne's vader, eigenaar-trainer U.W. de Jong.


Boven: De Finale van de 800m draverij te Veendam, half aug. 1935.
De crack Ago Khan (links met rijder Bonne de Jong, eig. U.W. de Jong
uit Oranjewoud) wint vóór Anlezy (rijder Marten Siderius,
eig. S v.d. Zijp uit Joure).
(uit het weekblad "Het Noorden in Woord en Beeld" van 16-8-1935)

Boven: Ago Kan wint te Harendermolen in april 1936.

Boven: Ago Kan (links met Abe Siderius) wint voor Maya Toddington
(met J. Mensinga) op 24 mei 1936 op de kortebaan van Norg.

Boven: Ago Kan wint de 2e serie van de draverij in Sappemeer op 1-6-1936.

Boven: Bericht uit "Paardensport en Fokkerij" halverwege 1938:
Ago Kan was al niet meer in bezit van U. de Jong, maar van
dhr. Schaafsma. De hengst was toen 14 jaar oud.

Boven: Bericht uit "Paardensport en Fokkerij" van 07-09-1939:
Ago Kan is in 1939 gevorderd, dus niet door de Duitsers, maar
door de Nederlandse Staat. Hij was toen 15 jaar oud.
Misschien is hij daarna in de oorlogsjaren nog door
de Duitsers gevorderd? Niemand weet meer hoe
de brave Ago Kan aan zijn einde is gekomen




  terug naar boven

© Copyright Archief NDR


Submenu
Museum:

Museumstukken

Prentenboek

<Hall of Fame