NDR


Hoofdmenu
Archief:

Home

Nieuws

Organisatie

Bibliotheek

Fototheek

Videotheek

Museum >

Geschiedenis

Hall of Fame

Hall_of_Fame
Vorige

Henriot

bruine hengst, geboren in 1914
van Amiens (Fr.Dr.) 1.35,2
(v. Harley 1.35 u. Hyacinthe)
uit Dobrina W (NL.Dr.) 1.42,6
( v. Paul H 1.30,9 u. Linca II 1.39,3)
Fokker: N. Schermerhorn te Alkmaar

Volgende


import

Boven: Henriot, 'De Reus van Friesland'.
(pikeur Witteveen?, het is niet Ockhorst en niet Siderius)

In het blad Draf&Rensport nr. 28 van 2007 stond een door Ruud Stoop geschreven artikel over de hengst Henriot en hoe diens eigenaar werd vermoord en in het boek 'Dravend door de tijd' van Durk Minkema staat een hoofdstuk over Henriot als 3-voudig kampioen-vaderpaard in de 30-tiger jaren. Deze twee artikelen zijn als basis gebruikt voor deze pagina. Door de webmaster is de volgorde iets gewijzigd en zijn er stukken aan toegevoegd. Het oorspronkelijke artikel van Ruud Stoop staat nog bij de anekdotes in onze Bibliotheek.

Afstamming
Henriot's vader Amiens was een Franse hengst met een slecht karakter, die zich niet liet inspannen en alles kort en klein sloeg. Hij bracht dit ook over op de meeste van zijn kinderen. Hij was absoluut geen speedpaard.
Henriot had zijn prima eigenschappen te danken aan zijn moeder Dobrina W, gefokt door Sake Witteveen te Harendermolen. Zij was een goed koerspaard en werd later verkocht aan D. Schermerhorn te Rustenburg (NH), doch bracht helaas alleen Henriot. In oktober 1920 kwam Dobrina W onder het draven in een sloot terecht, brak een been en moest worden afgemaakt.
Haar moeder Linsca II was de gouden fokmerrie van Sake Witteveen. Zij was een dochter van de Orloff-hengst Tabor II uit Linsca, een Amerikaanse merrie met een onbekende afstamming. Zij bracht hier 6 produkten, allen uitstekende harddravers, waarvan Emma W 1.34,3 in 1909 de Sweepstakes won. Tengevolge van het totalisatorverbod werd de merrie, tesamen met haar veulen, in 1911 naar Duitsland uitgevoerd.

Braaf paard
Henriot zelf was een door en door braaf paard en had gelukkig niets van het kwaad van zijn vader. Hij had een goed draverstype en paarde snelheid aan massa en uithoudingsvermogen. Henriot was nooit ziek of kreupel, ondanks zijn uiterst zware drafcarrière. Hij had een grote strijdlust, een zeldzaam humeur en was onverwoestbaar. Daarnaast een pracht exterieur en een schitterend hoofd.

Begin koerscarrière
Henriot heeft een indrukwekkende koerscarrière in Nederland opgebouwd. Hij werd als 2-jarige in juli 1916 verkocht aan C. Stam uit Nijverdal voor f 650, die hem bij Jeroen Witteveen in Alkmaar in training gaf. Daar presteerde hij niets. Nadat Stam hem in 1918 bij W.A. Ockhorst in Wassenaar in training had gegeven, begonnen de successen. Ockhorst was in die jaren een van de beste trainers die ons land rijk was. Op 20 mei 1918, toen Henriot 4 jaar was, won hij zijn eerste koers in handen van zoon C.F. Ockhorst. Hij werd daarna verkocht aan stal Rijswijk voor f 6500. Eind 1918 verkocht deze hem aan stal Timbertown (A.L. van Coeverden te Amsterdam). In juni 1919 werd een buitenlands bod van 40.000 francs afgewezen.

Henriot als 4-jarige in 1918

import
import

Boven: Artikel uit 'De Revue der Sporten' van 23-10-1918.
Henriot was in dat jaar de meest winnende draver op de langebaan.

Verkocht naar Friesland
In oktober 1920 werd de 6-jarige Henriot door A.L. van Coeverden in de Nederlandsche Sport te koop aangeboden. Als aanbeveling stond er bij dat hij een gouden medaille had behaald als schoonste draver op het Concours Hippidue in Den Haag op 20 augustus 1920. Henriot kwam al spoedig in eigendom van J.K. van der Veen te Hardegarijp.

Marten Siderius
Van der Veen zette zijn hengst in training bij Marten Siderius, die ook de vaste rijder werd. Hij was in die jaren een opvallende verschijning, aan wie het goede leven viel af te lezen. Niet vreemd, want de succesvolle pikeur was ook nog eens uitbater van een café in Sneek. Het contrast met zijn broodmagere broer Johannes kon bijna niet groter zijn. In de koers gedroeg Siderius zich al even opvallend. Wie in een koers met de nerveuze Fries verzeild raakte, kon rekenen op een ritje waarin het tempo hoog lag. Siderius zweepte zijn dravers altijd tot het maximale op.

Boeken

Boven: Dit is de Fries Marten Siderius, trainer, pikeur, in 1928.
Meestal pikte hij meters bij de start en reed daarna
zo hard mogelijk door. Zo ook met Henriot.

Van "westerling" naar "noorderling"
Geboren in Alkmaar werd Henriot na zijn verkoop als 6-jarige als een "Friese hengst" beschouwd omdat zijn eigenaar en trainer/pikeur Friezen waren. Henriot was dus eerst een westerling en later een noordeling en dat werd vooral in de noordelijke provincies breed uitgemeten. Men voelde zich achtergesteld en dat kwam vooral in de kranten tot uiting. In het weekblad 'Het Noorden in Woord en Beeld' uit de jaren 20 zijn daarover interessante artikelen te lezen. Henriot was vóór de opkomst van Nora Belwin B de lieveling van het noordelijke publiek. Hij kreeg bijnamen als 'De Reus van Friesland' en 'de kampioen van het Noorden'.

Kampioenschap
Het Kampioenschap van Nederland was in die jaren een heat-draverij van het type best-of-3. Na 2 gewonnen heats was je kampioen. Waren er 3 verschillende heat-winnaars, dan volgde er nog een 4e heat met alleen de 3 winnaars aan de start.
Als 10-jarige was Henriot in 1924 na 2 gewonnen heats al winnaar op Duindigt, meer heats had hij toen niet nodig. Toen hij twaalf jaar oud was, vocht hij in 1926 een legendarisch duel uit in de strijd om het Kampioenschap van Nederland. Liefst 18.000 bezoekers bekeken in Groningen het gevecht tussen onder meer Tourterelle (Cees Ockhorst), Nora Belwin B met de lokale held Hendrik Mensinga, Henriot, Madrigal en Emma Harvester (Kampioene van 1925). Henriot won de 3e heat. Na drie heats met verschillende winnaars won de lokale favoriete Nora Belwin B de 4e heat met een neusje verschil van Henriot en het publiek werd gek van blijdschap. Zie de foto's hieronder.

Lange, succesvolle carrière
Henriot koerste van zijn 3e t/m zijn 13e jaar en won 42 keer op de langebaan. Hij stond in 1918, 1923 en 1924 aan het hoofd van de winnende paarden op de lange baan. Diezelfde positie nam hij op de 800 meter-baan in in 1922 en 1927 (13 jaar oud).
Zijn record van 1.25,2 liep hij op 12-jarige leeftijd over 1710 m op Sappemeer en dat was op een grasbaan destijds heel goed. Zijn winsom van ca. Hfl 23.000 was 40 jaar lang een Nederlands record.

Toegift
Nog op 24-jarige leeftijd in december 1938 deed de hengst, inmiddels totaal blind, nog mee aan een arreslee-wedstrijd te Hardegarijp en wist zowaar, gereden door Marten Siderius, nog een rit te winnen.

Henriot's koersloopbaan

import


De Koersfoto's

import

Boven: Henriot (links) wint als 5-jarige met Cees Ockhorst
van Ciampi op 20-09-1919, op Duindigt.

import

Boven: Henriot (links met zijn eigenaar Van Coeverden) wordt tweede achter
Kyles (met Wassenaar) in een "heerrijders"-koers op Duindigt op 15-10-1920.

Boeken

Boven: Van zijn in 1924 met Marten Siderius gewonnen Kampioenschap van Nederland hebben we helaas (nog) geen foto's kunnen vinden. Wel van die koers van 2 jaar later. Zie hierboven. De eerste heat van het Kampioenschap van Nederland in 1926 was gewonnen door Tourterelle en in de tweede heat kon Henriot zijn hoge tempo aan de kop niet volhouden. Hij werd op het laatste stuk verslagen door Nora Belwin B en Emma Harverster. In de 3e heat nam de 12-jarige Henriot weer de kop en hij liet zich in deze rit niet meer voorbij lopen, zie bovenstaande foto. Hij won in zijn recordtijd van 1.25,5. Silladar (buiten beeld) werd 2e voor Nora Belwin B (links).
Voor de finale van dit Kampioenschap: zie foto hieronder.

Boeken

Boven: In de 4e heat van het Kampioenschap van Nederland mochten reglementair alleen de winnaars van de eerste 3 heats meedoen. Emma Harvester kwam dus niet aan de start, tot grote teleurstelling van de Hollanders. Zoals gebruikelijk nam Marten Siderius met zijn Henriot de leiding en op het laatste rechte stuk kwam Nora Belwin B ernaast. Beide paarden vochten een verbeten strijd uit, die door Nora (rechts) met een neuslengte werd gewonnen in 1.26,4. Een Heroïsch Gevecht. Het publiek was uitzinnig van spanning, enthousiasme en blijdschap. De Noorderlingen hadden op eigen terrein gewonnen. De Franse westerling Tourterelle kwam er niet aan te pas.

Groningen

Boven: Het défilé van alle deelnemers aan de Nico de Jager-prijs in de zomer van 1927. De top van Nederland kwam aan de start inclusief de in Groningen mateloos populaire Nederlandse Kampioene Nora Belwin B. Helemaal rechts met kap zien we de 13-jarige Henriot, die achter Quicklooper vlakbij 2e werd in de 4e serie en
ongeplaatst bleef in de Finale.

Boeken

Boven: Henriot poseert in 1922, als 8-jarige.
(Foto: uit Het Paard)

Boeken

Boven: Henriot in september 1929. Hij werd "Friesche hengst" genoemd
omdat hij in Fries bezit was. Van geboorte was hij een Hollander,
uit Alkmaar.
(uit 'Het Noorden in Woord en Beeld')

Boeken

Boven: De 16-jarige Henriot op de hengstenkeuring 1930.
(uit 'Het Noorden in Woord en Beeld')

Boeken

Boven: De 17-jarige Henriot bij de hengstenkeuring in het voorjaar van 1931.
(uit 'Het Noorden in Woord en Beeld')

Henriot als vaderpaard
Hij ging al tijdens zijn actieve loopbaan dekdiensten verrichten en deed dat voor een periode die vele jaren besloeg. Zijn eerste kinderen waren vaak van uitstekend kaliber, maar in de loop der jaren raakte Henriot blind en werden ook zijn nakomelingen van minder allooi.
Henriot is de vader van o.a. de crack Present H (de Kampioen der NL-Paarden in 1931, die ook nog in de Prix d'Amérique van 1930 is gestart), Queen G, Quicksilver H.N., Rentinus, Remulus, Ago Kan (de Kampioen der NL-Paarden in 1929) en Xoli 1.22,1 (Kampioen van Nederland in 1941). Henriot dekte van 1921 (als 7-jarige) t/m 1937 (als 23-jarige). In 1938 werd zijn laatste product (de 83-ste) geboren, de hengst The Flying Dutchman, die niet is gestart.
Henriot is de eerste Nederlands gefokte hengst, die het hier tot leidend vaderpaard wist te brengen, en wel in 1929, 1930, 1931 en 1936.

Jan Geersen uit Woerden heeft met de Henriot-zoon Piekant 1.53.7 drie veulens gefokt bij uitstekende merries.

Als moeders vader
De vrouwelijke nafok van Henriot is behoorlijk tegengevallen, al zijn enkele van zijn dochters produktief geweest in de Fokkerij en hebben ze de invloed van Henriot tot heden ten dage voortgezet. De bekendste zijn we1 Ursela V 1.34.2 (eerst van C.H.de Vries te Gorredijk, later van H. de Vries Oranjewoud; moeder van o.m. de crack Freddy Scott V), Windekind 1.29.5 (waarbij Pier Kramer te Nijland de goede paarden Kriemhilde 1.24.9 en Leidstar 1.25.5 fokte) en verder Athleta A 1.31.8, Chilene 1.31.2 en Willie, g.r.

Eigenaar vermoord
Er doen diverse opmerkelijke verhalen de ronde over Henriot. Hoewel hij in 1938 al volkomen blind was en 24 jaar oud, reed Marten Siderius er nog een arresleewedstrijd mee in Hardegarijp. Hij won wel. Uiteraard... Moest Henriot nog leven met verlies van zijn gezichtsvermogen, met eigenaar Jitze Kornelis van der Veen liep het nog slechter af. Nadat de boer in september 1930 terugkeerde op de boerderij na een bezoekje aan de koersen van Scheemda, trof hij een viertal jongens uit de buurt op zijn hoeve aan, die contact wilden met het bij Van der Veen werkzame dienstmeisje Pietje de Lang. Omdat Van der Veen van die belangstelling niet was gediend, haalde hij de veldwachter erbij, waarna zich op zijn erf een gevecht ontspon. Daarbij werd Van der Veen door de werkloze stratenmaker Gosse Douma met mes in het hart gestoken en hij overleed ter plekke......
Henriot kwam daarna in bezit van K.G. van der Veen.

(Voor het artikel van Ruud Stoop: Click hier)

  terug naar boven

© Copyright Archief NDR


Submenu
Museum:

Museumstukken

Prentenboek

<Hall of Fame