NDR


Hoofdmenu
Archief:

Home

Nieuws

Organisatie

Bibliotheek

Fototheek >

Videotheek

Museum

Geschiedenis

Recreatieve drafbanen in Nederland
deel 2: Friesland
anno 1996


In het weekblad 'Paardesport in ren en draf' nr. 18 van 1996
stond onderstaand artikel met bovenstaande titel.
geschreven door Douwe Frerichs

Friesland is een provincie met een paardenhart. In vervlogen tijden werden op honderden plaatsen wedstrijden georganiseerd met harddravers. Een weiland of een strook langs een dijk was voldoende voor de populaire 300 meter draverijen. Er werden ook " echte" banen aangelegd en daarvan zijn Joure en Drachten nog steeds in gebruik. De parel van Friesland is natuurlijk het hypermoderne Lindertrek, dat de functie van het gezellige Lindenoord heeft overgenomen, althans pogingen daartoe doet. Op deze pagina's een verslag van de 'Elf stedentocht' van Douwe Frercichs en Piet Borsboom.

In ons Fokkerijnummer van 1995 (inderdaad, alweer een jaar geleden) publiceerden we het relaas van een speurtocht langs recreatieve banen in de provincie Groningen. Een reisje langs Veendam, Scheemda, Sappemeer, Aduard en Eenrum resulteerde in een reeks opvallende bevindingen. Vooral de 'ontdekking' van de splinternieuwe, nooit gebruikte tribune van Sappemeer was opmerkelijk. In een artikel in een plaatselijk huis-aan-huisblad was vervolgens te lezen dat 'NDR-topman Frerichs de baan had gekeurd en geschikt bevonden'. Vleiend, dat wel, maar niet helemaal de juiste interpretatie van het bezoek. Jammer dat er in Sappemeer de afgelopcn maanden geen initiatieven zijn ontplooid om de dravers binnen de gemeentegrenzen te halen. Misschien biedt uitvoering van Plan Kwadrant soelaas. Voorts bleek op de banen van Aduard en Eenrum de tijd zo'n beetje te hebben stilgestaan. Kortom, diverse leuke bevindingen.

In Friesland wordt nog steeds gekoerst. Naast metropool Lindetrek zijn de banen Drachten en Joure nog steeds in staat om jaarlijks één of meer meetings te organiseren. Met uitzondering van Noordwolde is van de andere banen weinig of niets over.

Historie Friesland
Friesland mag worden gezien als de kweekvijver van de drafsport: vooral het kortebanen is er al eeuwen populair. De populariteit van de kortebaan is er mogelijk de oorzaak van dat het langebaanwerk in Friesland later dan in de rest van Nederland zijn intrede deed. Pas in 1899, twintig jaar later dan in de rest van Nederland, werd in Leeuwarden de eerste langebaan georganiseerd. In die periode behoorde de drafsport tot de populairste sporten in het land. Eén van de initiatiefnemers was Herman Schaap, die in de Friese hoofdstad een stalhouderij aan de Spanjaardslaan had. Schaap gold als een vooraanstaand burger en was tevens een geliefde verschijning, zo meldt de overlevering. Hij bezat een aantal harddravers, waarmee hij in de strenge winter van 1890 zelfs een tocht over het ijs van de Waddenzee naar Ameland had gemaakt. Samen met enkele kornuiten huurde hij een terrein aan het einde van de Bleekerstraat van de Leeuwarder IJsclub. De eerste draverij op deze slechts 600 meter lange baan werd op 24 juli 1899 gewonnen door ene Wladimir II van J.L. Torringa uit het Groningse Zuurdijk. Pikeur Jan F. de Boer mocht de allereerste ereronde verzorgen. De eerste meeting was zo'n succes dat men ijlings besloot de baan voor een periode van 5 jaar te huren. Er werd tot en met 1904 gekoerst, daarna werd de kleine en ook vrij gevaarlijke baan vervangen door een grotere. Tegenwoordig is de IJsbaan al jaren verdwenen. Hij lag in het noordoostelijke deel van het Rengerspark.

Wilhelminabaan Leeuwarden
Nieuwe drafsportinitiatieven kwamen in een stroomversnelling. Een comité van bemiddelde liefhebbers van drafsport uit Leeuwarden en omstreken richtte de Friesche Sportclub op en ging naarstig op zoek naar een geschikte locatie. Die vond men aan de Harlinger trekvaart. Voor Hfl. 48.000 werd een flink stuk land gekocht waar voor ongeveer Hfl. 12.000 de Wilhelminabaan werd aangelegd. De accommodatie was compleet met tribunes, gebouwtjes voor totalisator en bookmakers en een stallenterrein. De 825-meter lange grasbaan werd op 9 juni 1905 officieel in gebruik genomen en het was de destijds zeer vermaarde Friese pikeur Marten Siderius die met Emmy van de heer D. Bolwijn de allereerste koers won. Het Wilhelminaterrein is in de loop der jaren voor veel sporten gebruikt; er werd gehockeyd, gevoetbald en getennist. Ook vonden er tal van concoursen-hippique en veetentoonstellingen plaats. Het complex voorzag in een behoefte. De Wilhelminabaan maakte succesvolle jaren door, maar het totalisatorverbod dat in 1911 de drafsport in Nederland nagenoeg ten gronde richtte, miste ook in Leeuwarden zijn uitwerking niet. De sfeer rond de baan verdween, met als gevolg dat de sport in verval raakte.
Na de opheffing van het toto-verbod in 1947 kroop de drafsport uit het dal. Op de Wilhelminabaan werden veel 800-meter draverijen georganiseerd. De sfeervolle baan was geliefd bij het publiek en bij de trainers. Jarenlang heeft Jan F. de Boer er zijn stallen gehad en ook de trainer Lammert Hof, een broer van wijlen Jaap Hof, had er zijn tenten opgeslagen.

Gouden Zwepen
Sportief gezien vormde de draverij om de Gouden Zweep de belangrijkste sportgebeurtenis van het jaar in Friesland. In de tweede helft van de XIXe eeuw werd deze Gouden Zweep-draverij gehouden over 300 m, eerst op het Zaailand en later op de zogenoemde harddraversbaan in Leeuwarden. In 1883 vond deze draverij voor het laatst plaats. De Gouden Zweep behoorde vanaf die dag tot de roemruchte folkloristische historie. Totdat in 1935 de herdenking van het 500-jarig bestaan van de Friese hoofdstad deze geschiedenis wakker riep. Toen werd, voor het eerst na 52 jaar, de Gouden Zweep weer op kermisvrijdag verreden. Op de Wilhelminabaan. Dat Bram Nottelman de koers won, weten de meeste lezers van Paardesport, want daar is een artikel over geschreven.
De mooie grasbaan viel helaas ten prooi aan de stadsuitbreiding, op 20 juli 1962 draafden de paarden er voor de allerlaatste maal. Het batig kassaldo van de Friesche Sportclub werd uiteindelijk benut om de drafbaan van Drachten te renoveren.
Anno 1996 is er van de Wilhelminabaan geen spoor terug te vinden. Op het terrein waar eens de trouwe viervoeters zich voor de sulky inspanden, toeschouwers zich opwonden over een uitschakeling en anderen hun inzet in veelvoud terugkregen, staan nu de gebouwen van de Postbank, het GAK en het Landbouwcentrum. Misschien dat een ijverige archeoloog er over een paar eeuwen, naast een antieke pinpas, ook nog een stel hoefijzers in de grond aantreft.

De ooggetuige
Kees Faber, de geluid- en videoman op de noordelijke banen kan zich de Wilhelminabaan nog goed voor de geest halen. Hij trok in die periode vaak naar de baan met zijn vader, die in zijn radiowagen het geluid op de banen verzorgde. "We sloegen palen in de grond waar de luidsprekers op werden bevestigd, de draden gingen naar de auto van waaruit we regisseerden. Het was hier altijd stampvol. Wat ik ook nog weet is dat er vlak bij de baan een cafeetje was waar twee wat oudere vrijgezelle dames achter de tap stonden. In de volksmond sprak men over café `de twee sneetjes'. Het was altijd supergezellig op de Wilhelminabaan."

Boven: Koersen op de Wilhelminabaan in Leeuwarden, rond 1960.
Jaap Verhoeve leidt.

Boven: De Wilhelmina-baan in Leeuwarden,
vanaf de "tribunekant" bekeken (1960).


Heerenveen
Op 4 juni 1903 moet het zijn gebeurd. De eerste harddraverij in Heerenveen, nog niet op de `latere' locatie van het sportpark, maar op de vlakbij gelegen ijsbaan van de in 1855 opgerichte ijsvereniging Thialf, direct ten oosten van Hepkema's Bosje. Ene heer Piet heeft zich destijds ingespannen voor de baan. De Inwijdingsprijs, de openinggsdraverij, werd gewonnen door Jonge Wilkes van A.R. van der Hilt uit Rotterdam, met de destijds populaire pikeur Piet Doeleman. De circa 820 meter lange grasbaan was vaak drassig en papperig. Met een onderbreking van enkele jaren werd er gekoerst tot en met 1924. Vooral de 800-meter draverijen waren razend populair, georganiseerd door de plaatselijke VVV (vereniging voor volksvermaken). In 1925 moest een deel van het terrein wijken voor de Van Maasdijkschool. Het noordelijke deel van de vroegere ijs- en drafbaan is nog intact. Het is tegenwoordig een natuurreservaat.
In 1926 werd aan de andere kant van Hepkema's Bosje een sportpark aangelegd, dat later het domein zou worden van V.V. Heerenveen, die inmiddels zijn intrek heeft genomen in het prachtige nieuwe Abe Lenstra-stadion ten oosten van Heerenveen.
Rondom het veld van de voetbalclub werd een grasbaan van ongeveer 600 meter aangelegd, waarop de dravers op 9 juli 1927 voor de eerste maal in actie kwamen. Deze 800-meter draverij werd gewonnen door, u weet het vast nog wel, Oeke S met de paardensport liefhebber A. Hibma uit Midlum. Tussen 1944 en 1968 werden in Heerenveen regelmatig langebaandraverijen gehouden, voor de laatste maal op 3 juni 1986, daarna sloot de Paardesport Vereeniging Heerenveen de poorten en weken de dravers uit naar het niet ver verwijderde Wolvega. De destijds zeer vermaarde Pinksterdraverijen behoorden daarna definitief tot het verleden.
In Heerenveen wacht de heer Kuiper ons op. De paardesportliefhebber, op de baan bekend als eigenaar van de sterke ruin Bekila Ludwig en tegenwoordig Ipanema Girl, leidt ons rond door het voormalige voetbalstadion van Heerenveen, waar lang geleden dus ook de dravers hebben gelopen. De sloperswerktuigen staan al gereed om het tribunecomplex met de grond gelijk te maken. Op het terrein zal een psychiatrische kliniek verrijzen. We lopen wat over het gras en zien geen spoor van de drafbaan. "Vroeger was het hier op Pinkstermaandag helemaal afgeladen", weet het oud-bestuurslid.

Boven: Het bewijs is geleverd: in de oude tijden werd er wel degelijk
met enthousiasme in Heerenveen gekoerst. Naast draverijen vermeldt
het programma ook een "ringrijderij".


Wolvega
In Wolvega is de drafsport nooit verdwenen. Integendeel, het Drafcentrum Lindetrek behoort tot een van de toplocaties van ons land. Het is te hopen dat de baan, waarvan de realisatie is uitgemond in een financieel debacle, behouden kan worden voor de sport. Immers, Wolvega en drafsport hebben een eeuwenoude, hechte band. In vergeelde stukken in het gemeentearchief wordt al melding gemaakt van een kortebaandraverij die jaarlijks in september op de kermisvrijdag werd verreden. In 1912 werd de Harddraverij Vereeniging Wolvega opgericht. Deze vereniging organiseerde op 19 september 1913 de eerste 800-meterdraverij in Wolvega op het land van Gerrit Mulder aan de Haulerweg. Ongeveer ter hoogte van het huidige trafo-station. Vanaf 1916 werd deze draverij ieder jaar gehouden op het land van Jan Kuipers en bleef daar tot en met 1927. Dat land lag ten zuiden van de Hoofdstraat-west ter hoogte van de Bernhardlaan en heeft dus voor woningbouw plaats moeten maken.
Begin 1928 werd een commissie ingesteld, die de opdracht kreeg om plannen voor een sportterrein, inclusief draversbaan, te ontwerpen. De commissie koos uit een viertal locaties het terrein, dat toebehoorde aan de wed. Oosting, gelegen achter haar boerderij aan de Hoofdstraat-oost, waar ze omstreeks 1925 een draversstal begonnen was. Hier was het dat Andries van der Veen trainde, terwijl mevr. Oosting's zoon Nuttert zich als leerling het vak eigen maakte. De meerderheid van het bestuur van de Harddraverij Vereniging Wolvega koos evenwel voor een terrein gelegen achter huize Lindenoord. Het gevolg was een scheuring in de gelederen van de Harddraverij Vereniging. De rivaliteit tussen oost en west binnen Wolvega werd er door aangewakkerd en gaf aanleiding tot fraaie, op rijm gestelde, ontboezemingen in de plaatselijke courant "Stellingwerf".
Het deel van de vereniging, dat voor de baan Oosting was, richtte een vereniging voor vreemdelingenverkeer op, die als hoofddoel had het houden van harddraverijen. Zij huurde de baan van wed. Oosting voor 10 jaar, samen met de ijsclub "De Eendracht". De feestelijke opening van de circa 600-meter lange grasbaan vond plaats op 9 mei 1928 met een 800-meter draverij, gewonnen door Minette met pikeur Andries van der Veen. Er zou nog een paar maal op deze baan gekoerst worden, de laatste maal in 1934. Als trainingsbaan van stal Oosting heeft de baan het uitgehouden tot 1993, toen Nuttert Oosting's kleindochter, Chrisje Slager, er nog trainde. Nu is de baan ook aan woningbouw ten prooi gevallen.
Lindenoord, aangelegd in de vroegere lusthof van de Van Haren's, kwam er ook en opende, eveneens feestelijk, op 8 juli 1928. De 800-meter draverij werd gewonnen door Queen Elizabeth met pikeur Rijpma. Deze 630-meter lange grasbaan zou uiteindelijk de strijd in haar voordeel beslissen. Vanaf 1943 werden er tevens langebaan-draverijen georganiseerd. Onder de energieke leiding van haar voorzitter Nuttert Timmernan zou de baan in 1962 in een sintelbaan omgezet worden, nu 646 meter lang. Bij de opening van de nieuwe baan op 6 mei 1902 werd de openingsdraverij gewonnen door Zeus met Joh. Oosting op de sulky. In 1966 kwam met de bouw van de eerste sporthal (met restaurant) van Friesland een enorme verbetering van de accommodatie tot stand, waarbij de baanlengte inmiddels op 709 meter was gebracht. Een jaar later zou de baanverlichting volgen en in 1970 een nieuw restaurant. De gezellige baan floreerde als nooit te voren. Hoogtijdagen waren het Kampioenschap van Friesland en de Boll en Sharp-(later Home Center-)dag. Het baanrecord van 1.15,7 staat op naam van de Vliegende Friezin Action Skoatter. Door de aanleg van Lindetrek moest Lindenoord haar poorten sluiten, de laatste koersdag was op 26 september 1991 en Aonne de Wrede verzorgde met Dandy Loo de laatste ereronde. De sporthal zou na een brand afgebroken worden. De stal van Jaap Hof en de inspanboxen op het stalterrein werden spoedig gesloopt, een deel van de baan werd afgegraven ten behoeve van een skeelerbaan elders. Nu wacht het complex nog op de geplande scholenbouw.

Wolvega

Boven: Duizenden mensen langs de baan Lindenoord en daarachter
de sporthal met tribune. Later werd tussen de rechterstoel
en de sporthal nog een restaurant gebouwd.

Wolvega

Boven: Het hypermoderne Lindetrek in Wolvega.
(foto Wim Huybers)

Bergum en Langezwaag
De 800-meter draverijen werden razend populair en overal werden zulke meetings georganiseerd. Eén van die locaties was het Noordersportterrein in Bergum, waarop tussen 1918 en 1930 eenmaal per jaar werd gekoerst. Het sportterrein aan de Burgemeester Bothenius Lohmanlaan ligt er nog steeds.
Ook in Langezwaag vond eens zo'n draverij plaats en wel in 1922 ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van Floralia op het sportterrein aan de Wijngaarden, nu sportcomplex 't Paradyske geheten. De A-draverij werd gewonnen door de crack Henriot van K.G. van der Veen uit Hardegarijp, gereden door de populaire Fries Marten Siderius.


Noordwolde
De plaats Noordwolde hield haar eerste 800-meter draverij op 7 augustus 1927 en de eerste winnaar was de beroemde zoon van Henriot, Ago Kan, ook met Marten Siderius. Vanaf 1944 werden er op de grasbaan van het sportterrein ook langebaan-draverijen gehouden, dat zou doorgaan tot en met 1964, waarna de baan werd afgekeurd door de NDR, o.m. vanwege onvoldoende sanitaire voorzieningen. De baan, compleet met reling, ligt er nog steeds en wordt nu gebruikt voor motorraces, terwijl er 's winters binnen de baan geschaatst wordt, ijs en weder dienende. Het sportterrein ligt ten oosten van het dorp, pal ten oosten van de Paardendreef.

Boven: Koersen in Noordwolde;
in beeld de legendarische Marten Siderius.

Boven: Noordwolde in vooroorlogse tijden.
Marten Siderius gaat naar een afgetekende zege.

Boven: Hoogbejaarde foto van vóór 1935;
de tribune is op het terrein in Noordwolde nog niet aanwezig.
Publiek is er genoeg!

Boven: Weer Noordwolde, een stapje verder in de ontwikkeling.
Tribune en vast finishhokje zijn aanwezig.

Boven en onder: Noordwolde nu; een flauw profiel van een baan resteert
en verder schapen, doelpalen en meer van dat moois, dat de
ware drafsportliefhebber wat nostalgisch pleegt te stemmen.

(Foto's met dank aan de heer G.E. Schnoor.)

Wat is er nog over?
Welgeteld is er dus in Friesland op 22 verschillende locaties geharddraafd over afstanden van 800 meter en langer. Heden ten dage zijn Lindetrek, Drachten (sintelbaan) en Joure (grasbaan) nog in gebruik, waarbij het voortbestaan van Drachten uiterst wankel is geworden.

Tekst: Douwe Frerichs; met dank voor ondersteuning aan Durk Minkema, die naar de geschiedenis van de drafsport in Nederland speurde en materiaal ter beschikking stelde. Dit artikel stant uit 1996 en in 2013 gaf Durk Minkema een boek uit getiteld "Drafbanen in Nederland", waarin alle plekken zijn beschreven waar is gekoerst op een ronde baan over afstanden van 800 meter of langer. Dus niet over 300 meter rechtuit in de straten.


Naschrift webmaster:
Hierna is de drafbaan van Drachten ten prooi gevallen aan woningbouw,
maar in latere jaren zijn er grasbaankoersen buiten het dorp georganiseerd.

Voor een uitgebreide pagina over drafsport in Leeuwarden:
Click hier

Voor een aparte pagina over de drafsport in Heerenveen:
Click hier

Voor een uitgebreide pagina over drafsport in Wolvega:
Click hier

Voor een uitgebreide pagina over drafsport in Drachten:
Click hier

In het Fokkerijnummer van 1995 stond deel I van deze serie,
over drafbanen in de provincie Groningen: Click hier


  terug naar boven

© Copyright Archief NDR


Submenu
Fototheek:

Paarden

Koersen

Mensen

< Renbanen

Diverse